Leenrecht 1994-2011: het VEWA-arrest

Het leenrecht werd in België ingevoerd bij K.B. van  25 april 2004[1]. Toch was er geen vreugde alom.  Vooreerst kwam het K.B. 10 jaar te laat.  De verplichting om auteurs te vergoeden voor het uitlenen van hun werken was immers reeds voorzien in een Europese richtlijn van 1992 met uitwerking in 1994.  Niet dat de auteurs bij de Overheid niet hadden aangedrongen.  Ook VEWA (Vereniging van Educatieve en Wetenschappelijke Auteurs) bleef niet bij de pakken zitten.  Ik had tot tweemaal toe een onderhoud met de Minister van Justitie Verwilghen.  Ten einde raad werd klacht neergelegd bij de Europese Commissie; België werd in 2003 door het Europees Hof van Justitie veroordeeld voor het niet omzetten van de richtlijn van 1992.  Onderwijl werd een forum Leenrecht opgericht, met vertegenwoordigers van auteurs en uitgevers.  Het Forum had tot 3 maal toe een onderhoud met Premier Verhofstad, VEWA eveneens met Minister Fientje Moerman.  Het KB kwam er uiteindelijk in 2004, maar wat een ontgoocheling.  Waar de Eerste Minister nog een vergoeding  van 6€ per lezer voorstelde, bevat het KB. een miezerig tarief van 1€ per volwassene en ˝ € per minderjarige lezer.  Meer nog: de bibliotheken van de educatieve en wetenschappelijke sector werden uitgesloten; de vergoeding wordt enkel betaald voor boeken die effectief worden meegenomen: raadpleging van werken ter plaatse komt niet in aanmerking.  Voor een lezer, die ingeschreven is in meerdere bibliotheken moet slechts een keer betaald worden.  Welke van die bibliotheken moet dan betalen?

Er bleef niets over dan naar de rechter te stappen.  Er werd vooreerst een zaak ingeleid bij de burgerlijke rechter te Brussel om een vergoeding te bekomen voor de 10 jaar dat geen leenrecht werd uitbetaald: 1994-2004.  De Belgische staat werd inmiddels veroordeeld door het Hof van Beroep in Brussel, maar de Staat diende een verhaal in bij het Hof van Cassatie, waar de zaak nu rust.  Wij wachten af.

 

VEWA diende ook een verhaal in bij de Raad van State, o.m. tegen de te lage vergoeding.  Na 6 jaar velde de Raad een arrest waarbij het aan het Europees Hof van Justitie te Luxemburgde vraag stelde of een dergelijke vergoeding wel beantwoordde aan de Europese regelgeving.  Het Hof sprak een belangrijk arrest uit en wel op 30 juni 2011[2].  Het zette de puntjes op “i”. Het Hof vertrekt van het exclusief recht van de auteur om zijn werk uit te lenen.  De Europees richtlijn laat, zo zegt het Hof, evenwel toe dat de Lidstaten van dit uitsluitende rechn kunnen afwijken, m.a.w. een wettelijke licentie tot uitlenen toestaan.  Dit evenwel op voorwaarde dat de auteurs een vergoeding voor die uitlening krijgen.  Het Hof schenkt klare wijn en die geldt voor alle auteurs en uitgevers van de 27 lidstaten van de EU: 1) het zijn de instellingen, die moeten betalen; 2) die leenvergoeding moet aan de auteurs een passend inkomen verschaffen; 3) bij het bepalen van de vergoeding moet men rekening houden met het aantal werken, dat een instelling uitleent evenals met het aantal lezers.  Dus een onderscheid tussen grote en kleine bibliotheken.  4) Een systeem van lezers, meermalen lid, met een eenmalige betaling wordt afgewezen.  Met het  VEWA arrest werd Europese geschiedenis geschreven

.

Besluit: het K.B. van 2004 is strijdig met het Europees recht; nietig en dient herschreven.  Er moet een behoorlijke vergoeding komen: we denken dan aan 9€ per lezers voor grote bibliotheken en 6€ voor kleinere bibliotheken.

 

Blijft nog het uitsluiten van de educatief en wetenschappelijke sector.  VEWA maakte die zaak aanhangin bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg.  Het Verdrag beschermt immers ook het eigendomsrecht, intellectuele eigendom inbegrepen.  Het exclusief leenrecht van de educatieve en wetenschappelijke auteurs, wiens werken hoofdzakelijk in de scholen-universiteiten worden uitgeleend, in die sector afschaffen zonder vergoeding komt immers meer op een onwettelijke onteigening.  Kortom, wij zijn er nog niet.

 

Wij kunnen alleen maar hopen hopen dat de aankomende regering het auteursrecht echt ter harte gaat nemen.

 

Roger Blanpain, Voorzitter VEWA


horizontal rule

[1] Betreffende de vergoedingsrechten voor openbare uitlening van de auteurs, vertolkende of uitvoerende kunstenaars, producenten van fonogrammen en producenten van eerste vastleggingen van films (B.S., 14 mei 2005).

 

[2] www.curia.europa.eu.

horizontal rule

Webmaster: Vewa - deze pagina werd laatst bijgewerkt op: 05/09/2011