MAATREGELEN
TER BESCHERMING TEGEN PASSIEF ROKEN.
In
Noorwegen en Italië werden recent wetten aangenomen tegen het passief roken.
Ook in de staten New York en Californië geldt heden een totaal
rookverbod in bars en restaurants. Het is menens:
in New York wordt een roker bestraft met een boete van 1,000 US $ en de
uitbater met een boete van 2,000 US $[1].
Slachtoffers
Geen
wonder. Jaarlijks sterven er immers b.v. in Noorwegen niet minder dan
500 werknemers-kelners, die in restaurants e.d. opdienen aan de gevolgen van
passief roken. In de V.S. schommelt
het aantal jaarlijkse slachtoffers rond de 40.000 per jaar.
Op wereldvlak betekent dit dat ongeveer 1,000.000 mensen per jaar sterven
ten gevolge van passief roken.
Roken
van tabak is immers niet alleen fataal voor de gezondheid van de rokers[2].
Roken
is evenzeer schadelijk voor niet-rokers, die het slachtoffer zijn van passief
roken. Bij het roken ontstaan er
twee types van rook: de hoofdstroom, die geïnhaleerd wordt door de roker, en de
zijstroom, waaraan de omgeving van de roker blootstaat. Deze zijstroom is
bijzonder schadelijk, gezien deze een groot aantal toxische en kankerverwekkende
stoffen bevat.
Passieve rokers hebben dus niet alleen te maken met allerlei ongemakken zoals bv. hinderlijke geur en irritatie van de ogen, maar ook met een verhoogd risico op longkanker, cardiovasculaire en ademhalingsziekten, bronchitis e.a.
Passieve rokers zijn dikwijls jongeren en huisgenoten, collega’s op het werk, eventueel vrienden of toevallige relaties, die meestal machteloos staan tegenover het feit dat in hun aanwezigheid gerookt wordt.
Het
gaat, zoals boven aangeduid, ook om werknemers, die actief in lokalen waar
aanhoudend gerookt wordt, zoals restaurants, cafés, drankgelegenheden of
plaatsen waar voedsel aangeboden wordt.
Volgende
K.B.’s gelden:
1)
Het KB van 15 september 1976 houdende reglement op de politie van
personenvervoer per tram, pre-metro, metro, autobus en autocar;
2)
Het K.B. van 15 mei 1990 tot het verbieden van het roken in bepaalde openbare
plaatsen;
3)
Het K.B. van 31 maart 1993 betreffende de strijd tegen hinder te wijten aan
omgevingstabaksrook (Art. 148decies2*2bis van het algemeen reglement
arbeidsbescherming).
Uit
een analyse van deze K.B’s blijkt dat er geen rookverbod is in ondernemingen,
administraties, vergaderingen allerhande, treinstations, kinderopvang, voor
huispersoneel e.a.
Er
is een onvoldoende regeling voor restaurants, bars, cafe”s, openbaar
vervoer...
Quid
met de bescherming van kinderen in gezinnen waar gerookt wordt?
Bij
de Wereldgezondheidsorganisatie werd recent een verdrag voor op de controle van
tabak goedgekeurd waarbij de nationale overheid o.m. wordt aangezet de nodige
maatregelen te nemen om alle personen te beschermen tegen passief roken van
tabak. Ons land steunt de goedkeuring van dit verdrag.
Het
komt er dan ook op aan in ons land afdoende maatregelen te nemen om onschuldige
slachtoffers tegen passief roken te beschermen.
MAATREGELEN
Het
lijkt dan ook aangewezen dat
1.
dat de Overheid de nodige wettelijke maatregelen zou nemen om het passief
roken effectief te bestrijden;
2.
een gedragscode aan de rokers te bevelen betreffende de bescherming van
niet-rokers.
Art.
1. Het is verboden te roken in alle
ruimtes, die voor het publiek toegankelijk zijn en o.m. in:
-
trein, tram, bus, vliegtuigen en in andere openbare vervoermiddelen, met
inbegrip van taxi’s;
-
ziekenhuizen en andere verzorgingsinstellingen;
-
inrichtingen voor onderwijs en vorming;
-
winkels, veilinghuizen en wachtkamers;
-
ondernemingen of openbare diensten, met inbegrip van postkantoren,
luchthavens en gerechtsgebouwen;
-
vergaderingen allerhande;
-
musea en tentoonstellingen, concert-, theater en muziekzalen;
-
dancings;
-
restaurants, cafés en alle ruimtes waar voedsel en /of drank worden
aangeboden;
-
hotels, met inbegrip van hotelkamers;
-
terrassen, wachthuisjes bij een busstop en treinstations;
-
gedurende T.V. uitzendingen.
Art.
2. Het verbod te roken, bedoeld in
artikel 1, is van openbare orde. Een
roker, die het rookverbod overtreedt wordt gestraft met een boete van 500 Euro;
de uitbater en/of verantwoordelijke met een boete 1,000 Euro wanneer er in de
instelling, die onder zijn verantwoordelijkheid staat, gerookt wordt.
Art.
3. Diegenen, die het rookverbod,
bedoeld in artikel 1, niet naleven of niet doen naleven in de ruimtes waarvoor
zij verantwoordelijk zijn, zijn aansprakelijk voor de schade, die zij
veroorzaken met inbegrip van het nadeel dat aan niet-rokers berokkend wordt.
Overwegende
dat passief roken daadwerkelijk schadelijk is voor de gezondheid van
niet-rokers;
Bewust
dat de gezondheid van de mens zijn hoogste goed is;
Rekening
houdende met feit dat de meeste passieve rokers, zoals jongeren, familieleden,
collega’s en toevallige relaties, meestal machteloos staan tegenover het feit
dat in hun aanwezigheid gerookt wordt;
Overtuigd
dat iedereen de morele plicht heeft het recht op gezondheid van elke medeburger
te eerbiedigen;
Van
oordeel dat het milieu adequaat dient beschermd te worden:
WORDT
AAN DE ROKERS AANBEVOLEN:
1.
niet te roken in plaatsen waar personen, die niet roken, aanwezig zijn;
2.
in geen geval te roken in aanwezigheid van jongeren[3]
en gezinsleden;
3.
zeker niet te roken zonder de uitdrukkelijke toelating van alle
aanwezigen;
4.
in geen geval peukjes van sigaretten of sigaren weg te gooien in ruimtes of
openlucht.
Leuven,
10 juni 2003
Prof. Roger Blanpain
Lijst ondertekenaar van de motie
Wil u mee ondertekenen? Stuur dan een mail naar Prof. Blanpain: roger.blanpain@cer-leuven.be
[1]
Voor informatie betreffende het rookverbod in New York raadpleeg:
http://www.nyc.gov/html/doh/pdf/smoke/tc7.pdf
;en: http://www.nyc.gov/html/doh/pdf/smoke/tc6.pdf
Voor
informatie betreffende de Toronto wetgeving :
http://www.city.toronto.on.ca/legdocs/bylaws/1999/law0441.htm
[2]
Jaarlijks sterven meer dan 4.000.000 mensen ten gevolge van actief roken en
de cijfers gaan volgens de Wereldsgezondheidsorganisatie voortdurend in
stijgende lijn.
[3]
Minder dan 18 jaar.
(home)