Campuskrant Katholieke Universiteit Leuven
 
 
Nieuw antirookbeleid
K.U.Leuven wordt rookvrij

Reiner Van Hove

De nicotinedampen zullen vanaf september voorgoed verdwijnen uit de gebouwen van de K.U.Leuven. Onlangs werd een nieuw dienstvoorschrift goedgekeurd, dat de sigaret buiten de universiteitsmuren bant. Daarmee komt er ook een einde aan de onduidelijkheid – ‘mag ik hier nu wel of niet roken?’ - die op sommige plaatsen nog bestond.

Wie op de universiteit een sigaretje wil opsteken, zal dat vanaf september in de gezonde buitenlucht moeten doen. Een nieuw dienstvoorschrift verbiedt het roken in de gebouwen van de universiteit, en maakt daarmee een einde aan de bestaande onduidelijke situatie.

De aanzet tot het nieuwe beleid kwam van werknemers uit het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk. Enkele directieleden peilden vervolgens naar de houding van hun werknemers ten opzichte van een strenger rookbeleid. Zelfs fervente rokers blijken bereid een totaal rookverbod binnen de gebouwen te aanvaarden, op voorwaarde dat de halfslachtige situaties verdwijnen.
Uit cijfers van IDEWE, de Externe Dienst voor Preventie en Bescherming op het Werk, blijkt overigens dat de K.U.Leuven relatief weinig rokende personeelsleden telt. Bij het Academisch Personeel rookt slechts 6,8 % van de vrouwen, en 10,7 % van de mannen. Verhoudingsgewijs meer rokers zijn er bij het Administratief en Technisch Personeel: 16,4% van de vrouwen en 13,6% van de mannen.
Eén van de objectieven van het nieuwe rookbeleid is om die cijfers te doen dalen. Maar het strikte rookbeleid heeft in de eerste plaats tot doel het welzijn van de werknemers te bevorderen, en niet-rokers en risicogroepen te beschermen.

Het huidige rookbeleid aan de K.U.Leuven is gebaseerd op enkele KB’s uit de jaren ’90 die het roken in openbare gebouwen aan banden legden. “Er bestaat dus al een vrij uitgebreid rookverbod, vertelt Jos Van Neck, hoofd van de Preventiedienst, “vooral op plaatsen waar studenten aanwezig zijn: leslokalen, bibliotheken… Maar in bepaalde gebouwen zijn er zones waar roken wel toegelaten is. En op sommige plaatsen is de situatie ronduit dubbelzinnig: onder het pictogram dat roken verbiedt, staat er een asbak. Die asbakken zijn geplaatst omwille van de brandveiligheid, maar duidelijk is zo’n situatie uiteraard niet.”
En het is precies die duidelijkheid die de werknemers vragen. Van Neck: “De aanzet voor het nieuwe rookbeleid kwam van werknemers die zetelen in het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk. Zij vroegen ons twee jaar geleden om roken een centrale plaats te geven in het Jaarlijks Actieplan 2004. Vervolgens hebben we directieleden gevraagd om te peilen naar de houding van hun werknemers ten opzichte van een strenger rookbeleid. Zelfs fervente rokers blijken bereid een totaal rookverbod binnen de gebouwen te aanvaarden, op voorwaarde dat de halfslachtige situaties verdwijnen.”
En dus is vanaf september roken verboden binnen de gebouwen van de universiteit. Wie tijdens de werkuren toch een sigaretje wil opsteken, zal dat vanaf september in de gezonde buitenlucht moeten doen. Van Neck: “Aan de ingang van elk gebouw zal duidelijk geafficheerd worden dat er niet gerookt mag worden. Daar – en op enkele andere overdekte plaatsen – zullen we ook asbakken voorzien, waarin de roker zijn sigaret kan doven voor hij het gebouw binnengaat.”

Het goede voorbeeld
Voor de uitbouw van het nieuwe rookbeleid werkte de Preventiedienst intensief samen met de Externe Dienst voor Preventie en Bescherming op het Werk, Idewe. Dokter Inge Luytens van Idewe benadrukt dat dit nieuwe rookbeleid geen kwestie is van rokertje-plagen: “Het beleid is gericht op het roken, zowel actief als passief, en niet op de roker. Met een streng rookbeleid wil een werkgever in de eerste plaats het welzijn van zijn werknemers bevorderen. De gezondheidsrisico’s zijn gekend, en dus moet roken ontmoedigd worden. Verder beschermt een rookbeleid de niet-rokers, en vooral de risicogroepen: zwangere vrouwen, mensen met chronisch longlijden, mensen met een allergie, hart- en bloedvatlijders…”
“Daarnaast heeft een studie van het Instituut voor Stress en Werk aangetoond dat rokers significant frequenter en langer afwezig zijn wegens ziekte. Europees onderzoek wijst bovendien uit dat er ook andere nadelige effecten voor een organisatie zijn door het rookgedrag van werknemers: rokers onderbreken het werk vaker, de productiviteit van rokers ligt lager, …”
Naast de medische redenen, zijn er ook bijkomende logistieke en technische redenen voor een strikter rookbeleid. Jos Van Neck: “De teer in sigaretten zorgt bijvoorbeeld voor bruine aanslag op de muren, wat onderhoudskosten met zich meebrengt. En voor een aparte rookzone zorgen in alle gebouwen van de universiteit, zou een onverantwoord zware investering vragen, want het gaat om meer dan vierhonderd gebouwen.”
Er zullen geen aparte sancties komen voor rokers die het voorschrift overtreden. Van Neck: “We hopen op sociale controle: werknemers die elkaar aanmoedigen en ondersteunen. Verder rekenen we erop dat het diensthoofd waakt over de normale gang van zaken, en bijstuurt waar nodig. En vooral: dat de diensthoofden zelf het goede voorbeeld geven. Daarom vonden we het ook zo belangrijk om de steun te krijgen van alle geledingen. Het voorstel kwam van de werknemers, en is daarna voorgelegd aan de verschillende bestuursorganen, van het Directiecomité Algemeen Beheer tot de Raad van Beheer.”
In vergelijking met andere bedrijven telt de K.U.Leuven relatief weinig rokers (zie kaderstukje), maar toch hoopt Inge Luytens dat het nieuwe rookbeleid dat cijfer nog naar beneden haalt: “Angelsaksisch onderzoek toont aan dat het handhaven van een streng rookbeleid op de werkplaats het aantal rokers met vier procent doet dalen. Het zou mooi zijn als wij dat cijfer ook zouden bereiken. Rokers die willen stoppen, zullen we zo goed mogelijk ondersteunen. In de eerste plaats zullen we de werknemers met een sensibilisatiecampagne en een nieuwe website informeren over de risico’s van roken. Zelf organiseren we geen rookstopprogramma’s, maar een roker die wil stoppen, kan bij Idewe terecht voor informatie, ondersteuning en verwijzing.”

• Het dienstvoorschrift over het rookbeleid zal u kunnen raadplegen op http://www.kuleuven.ac.be/admin/dm/niv3/dv-i54.htm

• Ook de UZ Leuven gaan hun gebouwen rookvrij maken. Vanaf mei 2004 mogen personeelsleden alleen nog in gedoogzones roken. Vanaf mei 2006 zijn de UZ Leuven volledig rookvrij voor personeelsleden.

• De Dienst Studentenvoorzieningen werkt dit academiejaar intensief rond de rookproblematiek. Zo organiseren ze rookstopprogramma’s voor studenten. Info: www.kuleuven.ac.be/gezondheid/preventie/dossiers/rookstop/index.htm

Op de werkvloer

“Rookbeleid is stimulans om te stoppen”

Ter voorbereiding van het nieuwe rookbeleid werd op enkele diensten gepeild naar de houding van de werknemers ten opzichte van een rookverbod. Zo werden er op de Dienst Financiële Administratie Onderzoek (FAO) debatten georganiseerd.
Martine Bleyen van FAO rookt zelf niet: “Ik ben een voorstander van een verbod op roken binnen de gebouwen. Momenteel heb ik er niet zoveel last van, omdat er op onze dienst maar twee rokers zijn op een totaal van twaalf. Momenteel is één van hen zwanger, zij rookt op dit moment niet. En de rokers op onze dienst gaan altijd naar buiten om een sigaretje te roken.”
“Vroeger werd er soms wel gerookt op ons kantoor, en dat vond ik toch wel hinderlijk. Als iemand een sigaret opstak, werd er meestal ook wel een opmerking over gemaakt. Zelfs als je niet op kantoor bent op het moment dat er gerookt wordt, dan heb je nadien vaak toch nog last door de lucht die is blijven hangen. Ik betwijfel of er veel mensen gaan stoppen met roken door dit nieuwe rookbeleid. Als je echt een fervente roker bent, maakt het niet veel uit of je binnen of buiten rookt. Misschien gaan rokers wel wat minder frequent een sigaret opsteken, omdat ze ervoor naar buiten moeten.”
De collega-in-blijde-verwachting is diensthoofd Chantal Vervaeke: “Vroeger rookte ik veel op het werk, meer dan thuis. Aanvankelijk rookte ik gewoon op mijn kantoor. Als je voorgangers dat altijd zo gedaan hebben, neem je die gewoonte over. Maar op een gegeven moment heb ik met een aantal collega’s toch besloten om altijd naar buiten te gaan om te roken, ook als het koud is.”
“Vorig jaar in juni ben ik volledig gestopt met roken, omdat een collega-roker op het werk minder vaak langskwam, en omdat mijn kinderen opmerkingen maakten (lacht). Nu hebben we nog één roker op onze dienst, en die is ook van plan om te stoppen. Voor haar is het rookbeleid van de werkgever zeker een extra stimulans. Ik ben er dan ook van overtuigd dat dit nieuwe rookbeleid meer mensen ertoe zal brengen om te stoppen.” (rvh)

Sigaretten in cijfers

Relatief weinig rokers aan K.U.Leuven

In 2002 peilde de Externe Dienst voor Preventie en Bescherming Idewe tijdens medische onderzoeken naar het rookgedrag van zo’n 2.300 K.U.Leuven-personeelsleden. Dat leverde volgende percentages op:

AP vrouwen:
• 93,2 % rookt niet
• 6,8 % rookt
3,7 % rookt 1-9 sig/dag
2,4 % rookt 10-19 sig/dag
0,7 % rookt meer dan 20 sig/dag

AP mannen:
• 89,3 % rookt niet
• 10,7 % rookt
4,8 % rookt 1-9 sig/dag
4,3 % rookt 10-19 sig/dag
0,3 % rookt meer dan 20 sig/dag
0,3 % rookt andere rookwaren

ATP vrouwen:
• 83,6 % rookt niet
• 16,4 % rookt
6,4 % rookt 1-9 sig/dag
7,3 % rookt 10-19 sig/dag
2,7 % rookt meer dan 20 sig/dag

ATP mannen:
• 76,4 % rookt niet
• 23,6 % rookt
7,3 % rookt 1-9 sig/dag
11,2 % rookt 10-19 sig/dag
4,9 % rookt meer dan 20 sig/dag
0,2 % rookt andere rookwaren

Idewe vergeleek deze cijfers met die van een 100.000-tal werknemers uit vergelijkbare beroepscategorieën. Daaruit blijkt dat de K.U.Leuven relatief weinig rokers telt:

• 27 % van de vrouwelijke referentiegroep rookt, tegenover 6,8 % van de vrouwelijke AP’ers en 16,4 % van de vrouwelijke ATP’ers

• 40 % van de mannelijke referentiegroep rookt, tegenover 10,7 % van de mannelijke AP’ers en 23,6 % van de mannelijke ATP’ers

Van de 2.886 eerstejaarsstudenten die in ‘02-’03 het Preventief Gezondheidscentrum bezochten
• rookte 17,2 % (15,3 % van de meisjes en 19,1 % van de jongens)
• was 5,4 % gestopt met roken